Laag, laag en nog steeds laag.

By | 23 november 2015

Ondanks de sensor vandaag werd uitgelezen had ik een onwijze rotdag en zo voelt het nog steeds. Ik heb weinig bewust gedaan en meegemaakt vandaag. Waardoor vertel ik in deze blog. 

Maandagochtend 9:45 uur, mijn moeder roept me en vraagt of ik niet allang weg moet zijn. Ik werd gedesoriënteerd wakker. “Is het weekend of doordeweeks?” “Moet ik werken?” “Of studeren?” “Hoe laat is het?” “Ik voel me beven. Snel prikken.” In een korte tijd ging er van alles door me heen en ik had nog weinig antwoorden. Wel wist ik dat ik moest eten, maar eerst wilde ik weten hoe laag ik zat. Een van de belangrijkste antwoorden gaf de meter, mijn bloedsuiker was 3.2. Alweer laag, pff. Wat baal ik toch om zo wakker te worden. De volgende antwoorden volgden. Mijn moeder vroeg me of ik niet om half elf in het ziekenhuis moest zijn. Dat klopte. “Het is al tien voor tien.. ik MOET dan NU de bus hebben?!”

Allereerst heb ik een glas drinkontbijt gedronken, als ontbijt en als koolhydraten voor de hypo. Daarna heb ik me omgekleed, snel wat make-up op m’n gezicht gedaan, alles letterlijk in m’n tas gegooid wat ik mee moest nemen en mijn vader gevraagd of hij me af wilde zetten bij de trein. Het gevoel van de hypo was nog sterk aanwezig, maar binnen een kwartier was ik onderweg. Ik voelde mij beven, verward en zweverig. Hongerig was ik niet, eerder misselijk. Ik heb nog nooit geslaapwandeld, maar wakker worden met een hypo voelt ongeveer hetzelfde denk ik. Zo bewust mogelijk probeerde ik alles te doen en ik moest goed nadenken wat ik nog moest doen. Even focussen. Ik had één doel en dat was naar het ziekenhuis/diabetescentrum, maar insuline spuiten had ik ook nog niet gedaan. Aangekomen op het station had de trein vertraging. Dat kon er ook nog wel bij.. Ik besloot het Diabetescentrum te bellen dat ik later zou zijn, want met vertraging redde ik het sowieso niet om nog op tijd te zijn. In de trein heb ik insuline gespoten en verder ben ik een beetje weggedommeld tegen het raam van de trein. Met zo’n bloedsuikerwaarde had ik niet naar school, werk of iets/iemand anders gegaan. Dan kom ik altijd wanneer ik een goede bloedsuiker heb om veilig te kunnen reizen. En ook om de hypo gelijk opgelost te hebben, zodat ik er niet de hele dag last van heb (zoals vandaag). Zoals je vast begrijpt had de afspraak van vandaag lastig verplaatst kunnen worden, op korte termijn zijn er vaak geen andere plekjes meer. Nu moest ik het Diabetescentrum bereiken en had er daar iets gebeurd, dan wisten zij te handelen.

Gelukkig liepen andere afspraken in het Diabetescentrum uit, dus niemand hoefde op mij te wachten. Om deze blog niet te lang te maken zal ik later nog een blog schrijven over het resultaat van de sensormeting.

Rond half één ging ik weg uit het Diabetescentrum. Ik voelde me raar – moe, zweverig, dorst, hoofdpijn, wazig zicht, iets beven.. lastig om te beschrijven. Om de hoek bij het ziekenhuis ben ik gestopt en heb ik me op een muurtje geprikt. Ik was erg gedaald: 2.3. Mijn tas zit altijd vol met eten, dus ik haalde een pakje sinaasappelsap tevoorschijn en een Kitkat Chunky. Mijn smaak was weg, dus ik heb er niet van kunnen genieten. In de tram heb ik contact opgenomen met mijn moeder om te laten weten waar ik was en hoe het met me ging. Als ik in mijn eentje onderweg ben, vooral met zo’n bloedsuiker, houd ik altijd iemand op de hoogte hoe het met me gaat. Stel je voor dat mijn bloedsuiker nog verder daalt, dan val ik flauw. Als ik binnen een bepaalde tijd niet thuis ben weet iemand waar ik ongeveer moet zijn en wat er aan de hand is, dat stelt me gerust. Ook blijf ik op zo’n moment tussen mensen, zodat ik snel gevonden kan worden als er iets gebeurd. Ik moest een kwartier wachten op de bus naar huis, waardoor ik mezelf kon verwennen met een broodje van de Subway. In de bus heb ik iets bijgespoten, omdat dit mijn lunch was en ik anders geen werkende insuline meer had voor het broodje.

Mijn moeder stond me met de hond bij de bushalte op te wachten. Ik voelde me nog steeds raar dus een rondje lopen met de hond zat er vandaag niet in. Mijn moeder was de eerste persoon die ik sprak en door de lage suiker reageerde ik me chagrijnig op haar af. Stemmingswisselingen horen helaas ook bij een hypo.. Achteraf voel ik me daar vaak rot over en kan ik me daar wel eens voor schamen, al kan ik er niets aan doen. Het broodje heb ik thuis opgegeten, maar ook daar kon ik niet echt van genieten. Blijkbaar zat ik na een uur nog steeds erg laag en was mijn smaak nog niet terug. Ik had geen zin om weer te prikken en moest opschieten, want rond half drie moest ik bij de huisarts zijn voor iets anders dan de Diabetes. Ik heb cola light gedronken, omdat ik bang was te erg te gaan stijgen met de bloedsuiker later. Dat gevoel van hypo naar hyper en in de hyper blijven hangen vind ik nóg ellendiger. Want dan zou mijn lichaam misschien weer verzuren en wil mijn lichaam alleen maar drinken en slapen.

Maandag en donderdag zijn de dagen dat ik studeer. Na het bezoek bij de huisarts voelde ik mij nog steeds raar. Studeren lukt zo echt niet en ik zou ook niet goed na kunnen denken en onthouden. Ik besloot naar de zonnebank te gaan. Mijn moeder had ook zin, dus ik hoefde niet alleen. Als er iets gebeurd dan is iemand die mij goed kent en kan handelen in de buurt. Voordat ik onder de zonnebank ging toch nog even geprikt: 3.1. WAAROM?! Zes uur lang had ik al last van alleen maar hypo’s. Ik nam een pakje sinaasappelsap, stopte wat autodropjes in mn mond en ging toch onder de zonnebank. De warmte kan er voor zorgen dat ik nog lager ging zitten, maar ik voelde me niet lekker en had hier zin in. 20 minuten later ging de zonnebank uit en prikte ik me meteen weer: 3.0. Niets gestegen, zelfs iets gedaald. Mijn pakjes sinaasappelsap waren op, dus meteen samen even (ik super chagrijnig) langs de supermarkt. Bij het afrekenen zei het meisje achter de kassa: “Er is een pakje sinaasappelsap uit. Weet u dat??” Ik deed alsof alles ontzettend goed met me ging en kon er lachend uitbrengen: “Ja, dat weet ik. Die heb ik zelf al opgedronken.” Geen idee wat het meisje gedacht heeft, maar dat doen vast alleen kleine kinderen of ..diabeten. Rond half vijf waren we weer thuis en wat ik toen gedaan heb weet ik niet meer. Om zes uur werd ik wakker, omdat ik werd geroepen om te komen eten. Ik was nu iets meer bij bewustzijn dan de rest van de dag. Dat voelde goed, maar toen ik me weer prikte stond er: 4.1. Nog steeds aan de lage kant, maar het ging de goede kant op. Ik heb voor het avondeten normale hoeveelheden insuline gespoten. Niets meer, niets minder, als dat ik normaal voor aardappelen met witlof en een karbonade doe. Hieronder zijn mijn bloedsuikers te zien tot zes uur vanavond.

DSC_0034

Na het eten heb ik me afgemeld voor de bodypumples die ik altijd op maandag doe en ben ik weer even in m’n bed gaan liggen. Ik was moe van vandaag. Volgens mij heb ik weer even geslapen. Op m’n laptop en telefoon, Facebook, het nieuws en andere dingen bekeken. Even kijken hoe het met de rest van de wereld ging, ik hoefde nu even niet aan mezelf te denken. Ik was weer helemaal bij en kon goed lezen. Wat fijn om scherp te kunnen kijken! Tussendoor lekker gesnoept, autodrop. Met een normale suiker zit ik er snel hoog van, maar vandaag blijkbaar niet. Ik hoefde niet meer te overleven, zo voelde het namelijk vandaag. Rond negen uur heb ik geprikt: 4.7. Eindelijk, het ging beter. Nu is het half twaalf en ben ik benieuwd hoe het nu gaat, wat ik wil gaan slapen. De meter vertelt: 3.9. Ik ga maar weer naar beneden om te eten en drinken. Met twee evergreen koeken en een glas sinaasappelsap, kom ik hopelijk de nacht goed door.

Morgen moet ik werken, daarna zal ik de blog over de sensormeting typen.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*